Het boek Jantje

Letters vergroten

Sterkte-zwakte-analyse

We zijn weer begonnen! En laat ik het maar eerlijk zeggen: ik had er geen zin in. Zelfs de uitspraak ‘met frisse tegenzin’ was niet op mij van toepassing. Ik wilde echt niet.De avond voor mijn eerste werkdag in de klas, zette ik me er toe informatie door te nemen over mijn nieuwe leerlingen. Lezen: zwak. Rekenen: Zwak. Zwakke leerling. Achterstand. Fijn, zulke overdrachten. Nu had ik echt zin. Natuurlijk stond het er niet precies zo maar het kwam er wel op neer.

Ook ik gebruik die termen, zoals de meeste leerkrachten doen, denk ik. Maar het zegt eigenlijk weinig. Vage termen. Aan feitelijke cijfers heb je meer. Hoewel, dat zegt iets over een toetsresultaat maar wat zegt dat over het beeld van een kind? Het is allemaal zo subjectief. En ik zag het allemaal zo negatief… Daarbij kwam: Ik was nog in vakantiestemming en zag het niet als een uitdaging de kinderen, die ik nog niet eens kende, sterker te maken. Het beste zou zijn om me eens languit te settelen in de hangmat met een biertje maar ja, er moest toch ook een programma liggen voor de volgende dag. Dus werk aan de winkel, anders zou ik meteen al met een achterstand beginnen.

Hoe ik mijn sterke kant, luieren in de hangmat, in kon zetten, bleek al snel. Mijmerend over mijn werk, ontstonden mooie ideeën: Ik zou mijn baan als leerkracht opzeggen en schrijver worden. Ik zou mijn zwakke kanten, dromerig en chaotisch, gaan gebruiken om mijn creativiteit te ontwikkelen. Nu nog wat SMARTdoelen en concrete middelen bedenken. Zou zo in een handelingsplan passen, toch?

De volgende ochtend begon met een ‘briefing’. Jawel, zo heet dat echt: directie van de school waar ik werk, heeft besloten dat een ieder op stipte tijd binnen moet zijn om te luisteren naar een aantal mededelingen voor je aan je echte werk kan gaan. Inderdaad, dat kan ook op een briefje maar ach, ook een organisatie heeft zwakke kanten. Toen ik wist wie er griep had en wie niet, kon ik aan de slag. Nog snel even thee halen. O nee, toch niet: de eerste kinderen druppelden al binnen. Jassen werden opgehangen, tassen uitgepakt, wat verlegen koppies staarden me aan. Toen kwam hij binnen en ik moest meteen aan de slag. Niet verlegen maar duidelijk aanwezig. Wiebelig, pratend, meteen op zoek naar grenzen. Heerlijk, wat een leuk joch! Geen idee welke cijfertjes bij hem hoorden. Ik had meteen een zwak voor hem.

September 2008, Annemarie Jongbloed. ©

template-joomspirit